Het heldentijdperk

De Belgische Motorijdersbond werd gesticht in 1912, maar voor dat jaar werd de motorsport in ons land reeds beoefend. Reeds voor 1900, waren motorrijwielen, die naam waardig, in België verschenen en van het begin van de huidige eeuw af was er een voorspoedige motorindustrie tot stand gekomen. Namen die later beroemd zouden worden verschenen dan. In 1902-1903 bouwde men reeds F.N. 's en Saroléa's te Herstal. Te Antwerpen vervaardigde men Minerva's, een andere naam die wereldbekend zou worden, maar in het domein van de auto. In die ver vervlogen tijden deed zich een zaak voor die nauwelijks geloofwaardig zal klinken voor allen die de Britse suprematie van tussen de twee wereldoorlogen hebben gekend : verschillende Engelse merken bouwden in hun machines motoren die uit België werden ingevoerd.
Wat was het motorrijwiel in die tijd ? Het had nog veel punten gemeen met de fiets, waarvan het was afgeleid. Raam, wielen, zadel en... vering geleken op dezelfde elementen van een fiets, maar ze waren natuurlijk steviger. Benevens andere kenmerken, eigenlijk ondenkbaar voor allen die de huidige mechanische " wonderen " berijden, omvatte de motor een toestel waarvan men gemakkelijk de zotternij zal begrijpen : de smering was verzekerd door een handpomp, naast de brandstoftank aangebracht, en die de piloot af en toe met de hand moest doen werken.

Deze motorrijwielen waren zwaar, luidruchtig en het ontbrak hun aan komfort. Sommige hadden een overbrenging met riem. De " ongelukkigen ", die deze aldus uitgeruste machines bereden, zetten twintig jaar later nog een mistroostig gezicht op wanneer ze terugdachten aan de lelijke parten welke deze riemen hen hadden gespeeld. Die riemen bevonden zich immers in de open lucht en in geval van regen begonnen ze op een duivelse manier te glijden in de uitsnijding van de overbrenging. Bovendien hadden ze de slechte neiging zich te vervormen.

Maar, het was vooral het wegennet dat te wensen overliet. De bekleding van de banen bestond uit straatstenen ofwel uit macadam. Heden wordt deze laatste term verkeerdelijk gebruikt om een rijbaan in beton aan te duiden. Het echte macadam-procédé bestaat in steenslag met grond te mengen, overvloedig met water te begieten en dat alles met een wals vast te rijden. Het asfalt werd slechts gebruikt voor de bekleding van enkele belangrijke lanen in de grote steden, waar men ook bekledingen in hout vond, namelijk de Nieuwstraat te Brussel.
De motorijder ontmoette dus ofwel straatstenen waarop hij vreselijk door elkaar geschud werd ofwel wegen met een bekleding volgens het hierboven beschreven procédé waar hij bij vochtig weder de nachtmerrie van de modder kende, bij droog weder deze van het stof en steeds moest opletten voor de " kippennesten ". het stof was iets ontzettend. Alleen de rookgordijnen tijdens de tweede wereldoorlog aangewend om sommige aanvallen te dekken kunnen een gedachte geven van het stof dat opgejaagd werd door de doortocht van een motorrijwiel en vooral van een auto. En deze stofwolken bleven doorgaans lange tijd hangen. Bij het neerstrijken op de grond, legden ze op het gras van de bermen een stoflaag die veel gelijkenis vertoonde met rijm en de ongelukkige voetgangers, soms verplicht op deze bermen te gaan, werden spoedig op hun beurt overdekt met een dikke stoflaag.

En dit is niet alles. Bijna alle voertuigen werden voortgetrokken door paarden. Welnu, deze dieren hadden de slechte gewoonte de nagels uit hun hoefijzers te verliezen. De slechte onderhouden en weggelende karren van de landbouwers lieten ook een massa nagels na en hadden de ideale vorm om zich recht te zetten bij de aanraking van een wiel en in de banden te dringen, dewelke lang niet de kwaliteit hadden van die van heden. Zeggen we ook nog een woord over de ontelbare defecten waarmede de motorrijder werd gepest, zelfs hij, die zijn mechaniek nochtans zorgvuldig onderhield.
Hecht er maar geen geloof aan als men komt vertellen dat het toen de goede tijd was. Men moest met het heilige vuur bezield zijn om in dergelijke omstandigheden per moto te rijden. Verwoede aanhangers hebben vertrouwen gesteld in dat voertuig, dat met de auto en weldra met het vliegtuig een totale verandering zou teweegbrengen in onze levenswijze. Maar ze waren bezield met een prachtig enthousiasme en, zeggen we het maar, ze onderhielden hun machine. Ze onderhielden hun machines met verfijnde zorgen die vandaag de lachlust zouden opwekken. De ene haalde zijn motor uit elkaar en polijstte met de hand alle onderdelen tot het inwendige van de leidingen inbegrepen. Een andere beweerde voor de smering uitsluitend zuivere ricinuosolie te gebruiken. Nog een andere verbouwde, laste, soldeerde en wijdde aan dit werk al zijn vrije tijd.
Het is dankzij deze motorrijders van het eerste uur, dankzij hun volharding en dankzij hun onwrikbaar geloof in de toekomst van het motorrijwiel, dat men er heden toe gekomen is machines voort te brengen die wonderen van lichtheid handelbaarheid en komfort zijn.