Start week van de Motor

Morgen - 21 maart - start de eerste ‘Week van de Motor’, een initiatief van FEBIAC, de Belgische federatie van de auto- en tweewielerindustrie. Met de ‘Week van de Motor‘ wil de federatie ‘de boeiende wereld van motoren en scooters’ - zeg maar het ‘motorgevoel’ - bij het brede publiek bekend maken.

Het is niet toevallig dat FEBIAC het begin van de lente heeft gekozen om de eerste ‘Week van de Motor’ van start te laten gaan. In het voorjaar halen immers veel motorrijders hun tweewieler weer uit de winterstalling om er weekendtrips of woon-werkritten mee te maken. En voor degenen die nog geen motor hebben maar het toch voelen kriebelen en er al enige tijd van dromen, is dit het moment om zich te informeren over welke motor of scooter het beste bij hen past en over de modaliteiten van het rijbewijs A.
Als het weer maar even mee zit, stijgt het aantal motorrijders in het verkeer. Maar hoeveel motorrijders en bijna-motorrijders zijn er in ons land? Cijfers daarover ontbreken. Wat er wel in de statistieken te vinden is, is het aantal ingeschreven motoren en scooters. Dat kwam in 2013 op een totaal van 450.793 eenheden. Dat park is de laatste jaren sterk gegroeid: in 2003 was er nog maar sprake van 319.480 ingeschreven motoren en en in 1998 van 241.110. Het aantal is sinds 1997 (het stond toen op 225.317), nagenoeg verdubbeld. Dat wil nog niet zeggen dat er momenteel ook 450.000 motorrijders in ons land zijn. Er zijn namelijk ook motorliefhebbers die meer dan één motor ingeschreven hebben.

De huidige groep motorrijders is echter langzaamaan aan het verouderen en er is nood aan instroom van nieuwe, jonge motorrijders. Door het verminderd aantal verkochte bromfietsen is de stap op 18-jarige leeftijd van een bromfiets naar een motor tegenwoordig minder logisch geworden. Stijn Vancuyck, adviseur gemotoriseerde tweewielers bij FEBIAC, over het opzet van de Week van de Motor: “Het evenement komt voort uit de ervaring van vorige jaren toen we een ‘Dag van de Motor’ hielden. Dat was een geslaagd evenement met veel interesse voor testritten. Maar we stelden vast we daarmee vooral de bestaande ‘motards’ bereikten. Vandaar de ‘Week van de Motor’ in samenwerking met twee radiozenders (Classic21 en Studio Brussel) om een breder publiek te bereiken. We bieden in de campagne via die zenders en op de website moto.be de kans een motor of scooter naar keuze te winnen is. Daarvoor moet je wel een kraslot bij een dealer halen. In samenwerking met de rijscholen en de motorhandelaars nodigen we iedereen uit om kennis te maken met de boeiende wereld van de gemotoriseerde tweewielers.” Om jonge - potentiële - motor- en scooterrijders te bereiken zet men ook Facebook in. Daarop kunnen zij een foto delen waarmee ze hun aspiraties voor een motor of een scooter tonen. Degene van wie de foto de meeste stemmen krijgt én die bij de keuze van de jury zit, wint een nieuwe scooter (50 of 125 cc).

Voordelen

Waarom zou iemand vandaag de dag een motor of scooter nemen? De - objectieve - voordelen zijn bekend: je gaat er vlotter mee door de file (onderzoek heeft ook aangetoond dat als er meer automobilisten overstappen op de motor de files korter en eerder opgelost zijn), je rijdt er makkelijker mee in de stad en het is eenvoudiger om een motor te parkeren op een kleinere plaats dan een auto. De motor heeft ook veel subjectieve voordelen: de motor geeft je een gevoel van vrijheid, een motorrit ontstresst (ook in woon-werkverkeer), de motor is een plezierige manier om mee op pad te gaan voor een dagtrip, een weekenduitstap of een grote(re) reis. Als motorrijder ben je ook veel meer één met je omgeving dan de gemiddelde autorijder.
“Het gaat bij een motor of scooter niet alleen om een oplossing voor de huidige mobiliteits- en parkeerproblemen,” zegt Vancuyck. “90% van de mensen koopt een motor ook of vooral voor de ‘fun’: voor het weekend of voor de vakantie.” Voor een deel gaat het om ‘georganiseerde’ fun. De Belgische Motorrijdersbond FMB/BMB heeft bijvoorbeeld naast de organisatie van de wedstrijdsport in ons land ook activiteiten voor het toeristisch motorrijden. “Er zijn toertochten en rondritten op zowel nationaal als internationaal niveau,” zegt Stijn Rentmeesters, secretaris-generaal van de FMB/BMB. “Er is een 60-tal nationale treffens met als klassieke evenement de 1000 kilometer van België. Op internationaal vlak is er onder meer de Vriendschapsrit in mei.” Die organisaties verstevigen ook het ‘community-gevoel’ tussen de motorrijders. Rentmeesters zegt verder dat de FMB/BMB-wedstrijden eveneens het doel van een weekendrit kunnen uitmaken.

Opleiding

FEBIAC hanteert in het kader van de promotie van de motor en scooter ook de slogan Start2Ride (tevens de titel van een speciaal magazine dat vorig jaar voor de eerste maal werd uitgegeven) waarmee men twee doelpublieken beoogt: degenen die nog nooit gereden hebben en degene die na lange of korte pauze opnieuw op de motor stappen. “We zeggen tegen de mensen die geen ervaring hebben met de motor, maar er wel van dromen: begin er aan. En tegen de bestaande rijder zeggen we: het goede weer komt er aan, begin weer te rijden,” aldus Vancuyck.
De motorrijder is echter ook een kwetsbare verkeersdeelnemer. FEBIAC en FMB/BMB wijzen er daarom op dat een degelijke opleiding een goede basis is voor veel motorplezier. Voor de Week van de Motor is er dan ook een samenwerking gezocht met de rijscholen. Wie in de actieperiode een volledige opleiding van 12 uur bij de deelnemende rijscholen boekt, krijgt een korting. Vancuyck haalt aan dat er bij veel mensen vragen zijn omtrent het rijbewijs sinds de wijzigingen van vorig jaar. “Veel mensen zitten met het vooroordeel dat het motorrijbewijs halen veel moeilijker en duurder is geworden. De examenmanoeuvres zelf zijn echter amper gewijzigd en dus niet moeilijker geworden. Vroeger had een gemiddelde kandidaat 10 uren les nodig om te slagen. Tegenwoordig is een volledige opleiding 12 uur. Het verschil is dus amper twee lesuren met een prijs van gemiddeld zo'n 60 euro per uur.” Voor bestaande motorrijders zijn er diverse mogelijkheden om hun rijvaardigheid bij te schaven. Opfriscursussen na de winterperiode zijn voor degenen die geen ‘door-rijder’ zijn ideaal om de automatismen van het motorrijden aan te scherpen.

Fiscaal interessant

Ten slotte hebben motoren en scooters een interessante fiscale positie. De kosten voor beroepsverplaatsingen en voor woon-werkverkeer zijn 100% aftrekbaar (de woon-werk-kilometers met de auto zijn echter beperkt tot een aftrek van 0,15 euro per kilometer). Voor een nieuwe motor is de afschrijvingsperiode vijf jaar, voor een tweedehandsmotor gaan die van vier tot drie jaar, naar gelang de leeftijd van het voertuig. Gebruikskosten zijn ook aftrekbaar. Het gaat dan om verkeersbelasting, verzekering, interesten van financiering, kosten voor brandstof, herstellingen en specifieke motorkleding en accessoires. En wie met een elektrische scooter of motor de weg op gaat, profiteert van een korting van 15% op de aankoopwaarde (met een maximum van 2.770 euro, de geïndexeerde maximumwaarde).

Meer info over de Week van de Motor: www.moto.be/weekvandemotor